
Informatie
“Wat Werkt?” is een onderzoek naar hulp voor ouders met een lichte verstandelijke beperking bij de opvoeding van hun kind. Door dit onderzoek hopen we deze ouders nog beter te kunnen ondersteunen. Het onderzoek bestaat uit drie delen. Hier vindt u informatie over:
Waarom doen we onderzoek?
Wie doen het onderzoek?
Hoe zien de drie delen van het onderzoek eruit?
Waarom doen we onderzoek?
In Nederland zijn er ongeveer 2000 gezinnen waar één of beide ouders een lichte verstandelijke beperking hebben. Er zijn organisaties die deze ouders ondersteunen bij de opvoeding, zij werken hard om te zorgen dat het goed gaat met ouders met een lichte verstandelijke beperking en hun kinderen. We weten echter nog niet zo veel over hoe we ouders het beste kunnen ondersteunen. In dit onderzoek hopen we van ouders en begeleiders veel te leren over “Wat Werkt voor ouders met beperkingen?”, zodat we deze ouders nog beter kunnen ondersteunen.
Wie doen het onderzoek?
Het onderzoek wordt uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van de Vrije Universiteit, Faculteit der Psychologie en Pedagogiek, afdeling Orthopedagogiek, prof. dr. Carlo Schuengel. Voor de uitvoering van de onderzoek werkt de VU intensief samen met drie grote hulpverleningsorganisaties voor mensen met beperkingen: ASVZ, Philadelphia Zorg, Gemiva-SVG, Cordaan, SIG, 's Heerenloo, Amerpoort en Triade. Deze samenwerking is geformaliseerd in een consortium, ZonMW is de financier van dit consortium.
Het onderzoek wordt uitgevoerd door:
Drs. M.W. (Marja) Hodes
H.M. (Marieke) Meppelder-de Jong, MSc
L. (Lieneke) Claassens, MSc
C. (Carlijn) Nieuwenhuis, MSc
Drs. J.G.A.M. (Jos) de Kimpe
E. (Elleke) Lemmers, MSc
L.M. (Lidewij) van den Berg, MSc
N. (Nikita) Mollema
M. (Manon) Priester
Het onderzoek wordt begeleid door:
Prof. Dr. C. (Carlo) Schuengel
Dr. S. (Sabina) Kef
Dr. C.G.C. (Cees) Janssen (tot oktober 2010)
Hoe zien de drie delen van het onderzoek eruit?
Deel 1: Vragen en accepteren van hulp - Voor ouders en hun begeleiders
Het eerste deel van het onderzoek gaat over het contact tussen ouders en hun begeleiders. We hopen met dit deel van het onderzoek meer te weten te komen over hoe ouders en hun begeleiders het contact met elkaar ervaren. We denken dat we dit het beste kunnen leren van de ouders en begeleiders zelf.
Voor dit deel van het onderzoek zoeken we 200 ouders. Bij hen komen we langs om vragenlijsten in te vullen en een interview af te nemen. Dit duurt ongeveer 2 uur en de vragen gaan over de ouder zelf, hun kind(eren), de opvoeding en hun begeleiders. Ook aan de begeleiders van deze ouders vragen we om vragenlijsten in te vullen over zichzelf, de ouder en hun contact met de ouder. Voor sommige ouders stopt het onderzoek dan, aan andere ouders vragen we om ook mee te doen aan het tweede deel van het onderzoek.
Deel 2: Effectieve ondersteuning - Voor ouders
Het tweede deel van het onderzoek gaat over extra ondersteuning bij de opvoeding, waarbij gewerkt wordt met video. We willen onderzoeken of deze extra ondersteuning echt helpt en voor wie het wel helpt en voor wie niet.
Het tweede deel van het onderzoek is voor ouders die aangeven dat de opvoeding soms lastig is, we weten dat door de vragenlijsten van deel één. Bij deze ouders komt er extra ondersteuning bij de opvoeding. We willen graag weten of ouders die deze ondersteuning krijgen een nog betere ouder kunnen zijn. Daarom kijken we voordat de extra hulp begint, hoe het gaat. Ook kijken we direct nadat de extra ondersteuning is afgelopen hoe het gaat, en drie maanden nadat de ondersteuning gestopt is weer. We vergelijken de ouders die de extra ondersteuning hebben gehad, met ouders die de hulp nog niet hebben gehad. Zo kunnen we erachter komen of ouders baat hebben bij deze extra ondersteuning.
Deel 3: Steunend netwerk - Voor ouders en hun familie, vrienden en buren
Via dit deelonderzoek willen wij er achter komen wat de belemmerende en bevorderende factoren zijn die netwerkleden ervaren bij het bieden van ondersteuning aan ouders met een verstandelijke beperking. We hopen hierdoor onder andere handvatten aan te kunnen aanreiken voor de praktijk.
Dit deelonderzoek bestaat uit twee verschillende fasen. In de eerste fase maken wij een inventarisatie van de ideeën, meningen en verhalen van een aantal netwerkleden. Dit zullen we doen aan de hand van enkele groepsgesprekken. De geïnventariseerde gegevens uit de eerste fase van het onderzoek worden verwerkt tot een vragenlijst. In de tweede fase van het onderzoek wordt deze vragenlijst verspreid onder een grotere groep netwerkleden van ouders die betrokken zijn bij het onderzoek ‘Wat Werkt?’.
|